Spring naar content

Forensische geneeskunde

Forensische geneeskunde

FG aios in dienst van SBOH

Tijdens de opleiding word je breed voorbereid op je rol in het werkveld. Om differentiatie en kruisbestuiving van kennis te bewerkstelligen, maken een wisselend aantal stages onderdeel uit van de profielopleiding. Als aios neem je zelf leiding over je opleiding en dat geldt dus ook voor het regelen van de stages. Het Stagebureau zal de aios hierbij helpen.

Het stageproces kent 5 stappen:

1. Voorlichting:

Tijdens de startmodule voor de profielopleiding wordt er een voorlichtingspresentatie gehouden door het Stagebureau waarin het stageproces uitgebreid wordt besproken. Inhoudelijke vragen over de stages kunnen worden besproken met de instituutsopleider. De stage kaders en algemene leerdoelen vind je onderaan deze pagina.

2. Voorbereiding

De aios is zelf verantwoordelijk voor het invullen van het opleidingsschema. De aios zorgt ervoor dat het opleidingsschema in MijnNSPOH volledig is en klopt. Het opleidingsschema zal gecommuniceerd worden met de SBOH. Indien iets niet klopt of wijzigt in het opleidingsschema in MijnNSPOH, dient de aios het Stagebureau te informeren via planningmg@nspoh.nl. Het Stagebureau zal de wijziging doorvoeren in MijnNSPOH. De aios dient zelf het opleidingsschema in MijnNSPOH door te geven aan de RGS.

Op basis van het opleidingsschema in MijnNSPOH krijgt de aios 6 maanden voorafgaand aan stage nogmaals een mail over de werving en matching van de stage. In deze mail wordt het stageproces per stage en profiel besproken en eventueel een deadline gesteld, wanneer er een voorkeur opgegeven dient te worden.

 3. Werving en matching

Per profielopleiding en per stage ziet deze stap er anders uit:

  • Stage aanpalend specialisme: op basis van jouw individueel opleidingsplan en in samenspraak met jouw praktijkopleider en instituutsopleider kies je tussen een stage binnen de huisartsengeneeskunde of op de spoedeisende hulp. Het is de bedoeling dat je zelf een stageplaats werft. Hiervoor heb je eerst goedkeuring nodig van de instituutsopleider, voordat je de stage instelling benadert. Goedkeuring dien je te vragen per mail aan de instituutsopleider met het Stagebureau (planningmg@nspoh.nl) in de cc. Als je definitief kan starten bij een stage instelling bespreek je met de stagebegeleider een mogelijke invulling van je stageplan. Bij het opstellen van je stageplan betrek je ook je opleiders. Uiterlijk 4 weken voor de start van de stage dien je, ter goedkeuring, via MijnNSPOH je stageplan in bij je instituutsopleider. Na goedkeuring dien je jouw opleidingsschema in MijnNSPOH te controleren en deze door te voeren in mijn MijnRGS. Lukt het niet om jouw stagebegeleider of de stageinstelling in MijnRGS te selecteren, neem dan contact op met het Stagebureau.
  • De sociaal geneeskunde stage kan bijvoorbeeld een stage zijn binnen alle profielen van M+G, Veilig Thuis, OGGZ, Donorgeneeskunde en Trimbos. Op de Stage etalage vind je voorbeelden van goede stageplaatsen. Indien je in aanmerking wilt komen voor een stageplek via de Stage etalage, dan dien je jouw voorkeuren uiterlijk 4 maanden voorafgaand aan de stage kenbaar te maken op de website. Hierover ontvang je 6 maanden voorafgaand aan de stage een email. 4 maanden voorafgaand aan de stage zal het Stagebureau de beschikbaarheid van de stageplekken bij de stage instellingen uitvragen. Uiteraard is het ook mogelijk om zelf een stageplaats te werven. Hiervoor heb je eerst goedkeuring nodig van de instituutsopleider, voordat je de stage instelling benadert. Goedkeuring dien je te vragen per mail aan de instituutsopleider met het Stagebureau (planningmg@nspoh.nl) in de cc. Als je definitief toegewezen bent aan een stage instelling bespreek je met de stagebegeleider een mogelijke invulling van je stageplan. Bij het opstellen van je stageplan betrek je ook je opleiders. Uiterlijk 4 weken voor de start van de stage dien je, ter goedkeuring, via MijnNSPOH je stageplan in bij je instituutsopleider. Na goedkeuring dien je jouw opleidingsschema in MijnNSPOH te controleren en deze door te voeren in mijn MijnRGS. Lukt het niet om jouw stagebegeleider of de stageinstelling in MijnRGS te selecteren, neem dan contact op met het Stagebureau.
  • De keuzestage: op basis van jouw individueel opleidingsplan en in samenspraak met jouw praktijkopleider en instituutsopleider bepaal je waar je de keuzestage wilt doen. Zo kan je bijvoorbeeld een stage lopen bij de politie, het Openbaar Ministerie, reclassering, rechtbank, forensische opsporing, recherche, forensische pathologie etc. Het is de bedoeling dat je zelf een stageplaats werft. Hiervoor heb je eerst goedkeuring nodig van de instituutsopleider, voordat je de stage instelling benadert. Goedkeuring dien je te vragen per mail aan de instituutsopleider met het Stagebureau (planningmg@nspoh.nl) in de cc. Als je definitief toegewezen bent aan een stage instelling bespreek je met de stagebegeleider een mogelijke invulling van je stageplan. Bij het opstellen van je stageplan betrek je ook je opleiders. Uiterlijk 4 weken voor de start van de stage dien je, ter goedkeuring, via MijnNSPOH je stageplan in bij je instituutsopleider. Na goedkeuring dien je jouw opleidingsschema in MijnNSPOH te controleren en deze door te voeren in mijn MijnRGS. Lukt het niet om jouw stagebegeleider of de stageinstelling in MijnRGS te selecteren, neem dan contact op met het Stagebureau.
  • De Wetenschapsstage: deze stage maakt deel uit van het onderzoekstraject. In de loop van de opleiding zal je hier meer informatie over ontvangen.

4. Stageperiode en begeleiding

Tijdens de stage zorg je voor minimaal een gesprek waarbij de praktijkopleider of instituutsopleider ook aansluit (o.a. bespreking stageplan en doelen). Naast dit gesprek voer je minimaal 2 keer een evaluatiegesprek met de stagebegeleider. Na de stage laat je je stageverslag beoordelen door de stagebegeleider en praktijk- of instituutsopleider. De stagebeoordeling door de stagebegeleider wordt als bijlage toegevoegd en op MijnNSPOH gezet.

De instituutsopleider heeft een verantwoordelijkheid in het ondersteunen van jouw opleidingsproces, het monitoren van jouw competentiegroei en de kwaliteit. Dit gebeurt door:

  • Tijdens het tripartietgesprek de invulling van de stages te bespreken.
  • Uiterlijk 6 weken voor start van de stage al dan niet een goedkeuring te geven op je stageverzoek. Hierna kan je definitief de stage doorgeven aan de planning.
  • Als de praktijkopleider niet betrokken is bij de stage deze rol over te nemen. De instituutsopleider is dan je aanspreekpunt tijdens de stage, is aanwezig bij een (start)gesprek met de stagebegeleider en is evt. de begeleider en beoordelaar van uitgevoerde praktijktoetsen.
  • Na de stage het stageverslag waarderen.

Van de praktijkopleider worden een aantal zaken verwacht t.a.v. de stages:

  • Begeleiding van jou in het opstellen van het stageplan voor de stage.
  • aanwezigheid bij het gesprek met de stagebegeleider, waarbij het stageplan wordt besproken.
  • De praktijkopleider kan ervoor kiezen om tijdens de stage betrokken te blijven, de rol van de instituutsopleider komt dan wat meer op afstand te staan.

De stagebegeleider heeft normaal geen rol in de opleiding en hierdoor zijn de verantwoordelijkheden vrij beperkt:

  • Begeleidt jou gedurende 1 tot 2 uur per week.
  • Voert minimaal drie gesprekken (startgesprek, evaluatie en eind gesprek)
  • Werkt niet met MijnNSPOH en wordt zo nodig door de aios om een verzoek tot bijdrage gevraagd via MijnNSPOH (ontvangt dan een mail).
  • Keurt je stageverslag goed en geeft de eindbeoordeling. De eindbeoordeling is een bijlage van je stageverslag en wordt op MijnNSPOH geplaatst.
  • Kan eventueel een korte praktijkbeoordeling afnemen.
  • Kan eventueel een PO beoordelen.

5. Evaluatie

Na de stage laat je je stageverslag beoordelen door begeleider en instituutsopleider. De stagebeoordeling door de stagebegeleider wordt aan stageverslag toegevoegd en op MijnNSPOH gezet.

Verdere uitgangspunten van de stages:

  • De volgorde van stages omdraaien is mogelijk. Het naar voren halen van de keuzestage kan alleen als de competentieontwikkeling voldoende is en na akkoord van praktijkopleider en instituutsopleider.
  • Als een stage instelling meerdere aspecten/profielen aan kan bieden is het bespreekbaar om 2 verschillende stages aan elkaar te verbinden waardoor een periode verlengd kan worden.
  • Vervlechten van de stage met een praktijkopleidingsdeel is mogelijk. Dit kan als de competentieontwikkeling voldoende is of als de desbetreffende wetenschappelijke vereniging dit van meerwaarde vindt.
  • LET OP: een eventuele buitenlandstage regelen kent een uitgebreide procedure (zie www.stageetalage.nl ) en kost tijd (> half jaar).

Voor FG aios niet in dienst van SBOH 

Tijdens de opleiding kan tot 50% van de dagen voor keuze-onderwijs als stagedagen worden ingevuld. Je kunt van deze verhouding tussen het aantal stagedagen en keuzeonderwijs afwijken mits je dat goed onderbouwt en de instituutsopleider akkoord gaat.

Stages zijn erop gericht om je een ruimere werkervaring te bieden en competenties te laten ontwikkelen met juist die taakelementen die je in je eigen werk minder tegenkomt. Je hebt zo de gelegenheid individuele accenten in het opleidingstraject aan te brengen.

Een keuzestage vraag je aan via de aanvraag keuzeonderwijs in MijnNSPOH. Na goedkeuring dien je je stageplan in via MijnNSPOH. Na je stage lever je je stageverslag inclusief beoordeling in via MijnNSPOH.